Samenvatting - Hoe schept men een vredesklimaat
Samenvatting van rede gehouden door Ben ter Veer in 1966. De volledige tekst staat hier.
Rede gehouden op een internationaal Pax Christi-congres in Bergamo in 1966. Deze toespraak kreeg grote bekendheid, en werd feitelijk een soort blauwdruk voor het IKV (Interkerkelijk Vredesberaad) dat eind 1966 ontstond.
In de tijd dat ter Veer deze woorden sprak was Pax Christi nauw verbonden aan de Rooms-Katholieke kerk. Vertegenwoordigers van de kerkelijke hiërarchie, vaak een bisschop, waren voorzitter van de landelijke secties. Verder waren er nauwe banden tussen de beweging en rooms-katholieke geestelijken en politici.
1. Enkele uitgangspunten
Pax Christi is een educatieve beweging, geen politieke partij. Haar taak is niet alleen een juiste visie op vrede te hebben, maar ook te weten hoe ze die visie ingang kan laten vinden bij steeds meer mensen. Tactiek en effectiviteit staan centraal.
Een vredesbeweging moet vooruitlopen op wat over tien à twintig jaar wenselijk is, terwijl politici via compromissen de bestaande situatie beheren. De beweging schept het klimaat; de politiek handelt daarbinnen.
Vredesklimaat wordt gedefinieerd als: het geheel van opvattingen en houdingen in een samenleving waardoor leiders in staat worden gesteld — en soms gedwongen — politieke beslissingen te nemen waardoor (internationale) conflicten zonder geweld kunnen worden opgelost.
Publieke opinie en politiek zijn verbonden: het is niet zo dat de politiek zich niets van de publieke opinie aantrekt. Politici voeren vernieuwingen soms niet door, uit angst voor electorale tegenstand. Over veel buitenlandse kwesties heeft de bevolking helemaal geen mening, wat politici grote vrijheid geeft. Vroegere opvattingen die leiders zelf verspreidden, kunnen hen later parten spelen. Maatschappelijke bewegingen zoals de vredesbeweging kunnen hun standpunt niet tegen de politiek in doorzetten; maar kunnen invloed uitoefenen als de politiek verdeeld is of standpunten heroverweegt.
Hieruit volgen deze taken voor Pax Christi: weerstanden tegen politieke vernieuwing wegnemen, een publieke opinie vormen die het regeringsbeleid kan corrigeren, en op sleutelmomenten gerichte acties voeren om belangrijke beslissingen in de gewenste richting te beïnvloeden.
Historisch besef is essentieel voor het moreel van de beweging. Positieve trends na 1945: conflicten bleven beperkt, het gevaar van kernoorlog dwingt tot coëxistentie, het nut van wapenbeheersing wordt breder erkend, de houding tegenover Rusland is milder geworden, de relatie tussen ongelijke welvaartsverdeling in de wereld en veiligheid is duidelijker geworden. De les: de vredesbeweging moet op deze trends inhaken. Alleen ingaan tegen negatieve krachten is demoraliserend. De vredesbeweging moet het effect van de positieve historische ontwikkelingen op het denken en handelen van mensen versterken. Zelfs een kleine kracht kan, op het juiste moment, doorslaggevend zijn (de vergelijking: het verschil tussen –1 en +1 graad Celsius doet al het water bevriezen of ontdooien).
2. De bijdrage van de vredesbeweging
2A. De relatie met de omgeving
De vredesbeweger staat per definitie in conflict met gevestigde opvattingen. Mensen hangen aan hun meningen omdat die drie functies vervullen: kennis ordenen, sociale verbanden onderhouden, en ongemakkelijke waarheden over zichzelf vermijden. Afhankelijk van welke functie overheerst, werkt een andere aanpak het best. Mensen met een diepe, aan de persoonlijkheid gekoppelde overtuiging kun je moeilijk bereiken. Richt je als vredesbeweging vooral op mensen die hun standpunten niet bewust hebben gekozen, maar ze hebben overgenomen uit gewoonte of groepsdruk.
Drie verdenkingen belemmeren het veranderen van gedachte: het idee dat men gemanipuleerd wordt, dat de spreker de zaken vereenvoudigt, en dat men wordt overgehaald iets tegen de groepsnorm in te doen. Praktische wenken om dit te voorkomen: wees transparant over onzekerheid, ken het standpunt van de ander, benadruk gedeelde waarden, streef naar kleine veranderingen in ideeën in plaats van grote omwentelingen, richt je op nieuwe kwesties in plaats van ingewortelde standpunten, haal 'opinion leaders' over.
Mensen veranderen van mening niet door argumenten alleen, maar vooral als ze zelf iets doen. De beweging moet mensen concrete kleine stappen laten zetten: een lezing organiseren, een gespreksgroep opzetten, een politicus aanspreken.
Over het samenwerken met andere vredesbewegingen: radicalere bewegingen zijn nuttig als geweten, als legitimering ("wij zijn tenminste gematigd") en als bron van nieuwe ideeën. Maar Pax Christi heeft een specifieke verantwoordelijkheid: de brede achterban meenemen, zodat bij een crisis de publieke opinie niet terugvalt op oude harde standpunten. Samenwerking tussen álle vredesorganisaties is van groot belang: een hecht federatief verband, internationaal van karakter.
2B. De omgeving
Drie kenmerken van de samenleving waarin Pax Christi werkt:
Apathie. De meeste burgers voelen zich ver van buitenlandse politiek staan en denken het toch niet te begrijpen. Dat laatste is een misvatting: buitenlandspolitieke beslissingen zijn uiteindelijk gebaseerd op politieke voorkeuren, niet op ontoegankelijke expertise. Pax Christi moet die mythe doorbreken.
Het vredesstreven is niet geïnstitutionaliseerd. In kerken, scholen, universiteiten, vakbonden en politieke partijen ontbreken vaste structuren voor vredesvraagstukken. Pax Christi moet pleiten voor vredesinstituten, lesprogramma's en vaste functies binnen organisaties.
Rooms-katholieken en vragen van oorlog en vrede. Onderzoek wijst uit dat trouwe kerkgangers van dogmatische kerken vaker een harde lijn steunen in de Koude Oorlog en wantrouwiger staan tegenover coëxistentie. Dit is mede het gevolg van het anti-communisme dat de kerk zelf jarenlang uitdroeg. De encycliek Pacem in Terris biedt een nieuw vertrekpunt. Een vredesbeweging gericht op katholieken is broodnodig — maar moet rekenen op stevige weerstand.
2C. De beweging Pax Christi zelf
Een vredesbeweging moet investeren in haar eigen organisatie, maar het echte doel is invloed uitoefenen naar buiten. De balans is cruciaal: te veel aandacht naar binnen leidt tot stilstand, maar zonder goede basis kun je ook niet effectief naar buiten treden.
Leden moeten bereid zijn zich grondig in te lezen, maatschappelijk verantwoordelijkheidsgevoel hebben en bereid zijn hun werk voortdurend te toetsen op effectiviteit. Pax Christi is geen gemeenschap voor persoonlijke zingeving, maar een instrument voor verandering.
Het moreel hooghouden doe je door: positieve historische kansen te laten zien, aan te tonen dat politiek begrijpelijk is, concrete en haalbare deeldoelen te stellen (succes werkt beter dan abstracte vergezichten), studie altijd te koppelen aan actie, kleine overwinningen serieus te nemen, en te concentreren op een beperkt aantal thema's met een concreet tijdschema (dialoog met het marxisme, veiligheid in Europa, en verhoging van ontwikkelingshulp).
Politieke apathie ontstaat mede doordat leiders burgers buiten besluitvorming houden. Pax Christi moet dit doorbreken door te strijden voor meer transparantie en burgerparticipatie — en dat ook in de eigen organisatie in praktijk te brengen.
Organisatie: een eigen onderzoeksinstituut, dat het educatieve materiaal levert, en ook het werk van de beweging zelf evalueert; op centrale functies professionals (betaalde krachten of vrijgestelden) in plaats van vrijwilligers; en voldoende middelen. Momenteel gaat wereldwijd weinig geld naar niet-militaire vredesbevordering.
2D. Pax Christi in crisissituaties
In een acute internationale crisis heeft Pax Christi vier taken: (1) de vrijheid van oppositie bewaken; (2) alternatieve oplossingen aandragen en onder de aandacht brengen; (3) gezaghebbende katholieken laten spreken; (4) bij een crisis die af dreigt te glijden naar een kernoorlog: escaleren in oppositie — niet reactief, maar preventief.
Naarmate een conflict escaleert, moet Pax Christi steeds verder gaan: eerst pleiten voor onderhandelingen zonder partij te kiezen, dan concrete stappen veroordelen, dan opgeroepen militairen aanspreken op hun verantwoordelijkheid, en uiteindelijk openlijk uitspreken welke partij in het ongelijk staat.
Op deze manier moet Pax Christi proberen het morele gezag van haar kerk om te smeden tot een politieke kracht tegen oorlogsuitbreiding. Regeringen moeten van tevoren weten welke stappen Pax Christi zal zetten als zij een conflict uitbreiden. Voor wie deze oppositie bij wijze van afschrikking ongeoorloofd vindt: denkt u zich eens in hoe het achteraf voelt als er miljoenen doden zijn gevallen — en men niet openlijk partij had gekozen.